Haas (Shashankasana)

Geef een reaktie

Haas (Shashankasana)Tijdens mijn yogalessen is wel eens enige hilariteit ontstaan als ik de naam van deze houding noemde. De Haas (Shashankasana) wordt namelijk soms ook Konijn genoemd en die naam gebruikte ik zelf eigenlijk meestal.

De studenten die de les bezochten, vonden het vrij grappig dat zij de Konijnenhouding moesten gaan beoefenen. Ik vond het ook helemaal niet erg dat ze daar dan even om moesten lachen.

Afgezien van om te lachen, is de Haas ook een yogahouding met een prettige uitwerking. Niet iedereen vindt het een gemakkelijke of comfortabele yogahouding, maar naderhand zul je merken dat er een aantal plekken in het lichaam er wel bij varen.

Knieën en onderrug

Ik denk dan bijvoorbeeld aan de knieën. Hoe het precies kan, weet ik niet, maar zelf neem ik altijd na de houding waar dat ik gemakkelijker op mijn knieën kan zitten. Kijk maar eens of dat voor jou ook zo is.

Op de onderrug heeft de Haas ook een gunstige uitwerking. Dat is voor mijn gevoel beter te verklaren, omdat je immers je rug (en zitvlak) naar boven uitstrekt.

Hoofd

Het lastige van de Haas zit voor de meeste mensen in het plaatsen van de bovenkant van het hoofd zo dicht mogelijk bij de knieën.

Ik weet bijvoorbeeld van een van mijn privéleerlingen dat zij ‘not amused’ is als ze de Haas moet doen. Ze ervaart het als een worsteling om haar hoofd in de buurt van haar knieën te krijgen en te houden. Dat communiceert ze wat mij betreft heel duidelijk, non-verbaal wel te verstaan.

Het plaatsen van de bovenkant van het hoofd op de mat kan ook ander ongemak met zich meebrengen. Bij sommige mensen kan dit een beetje een misselijk gevoel met zich meebrengen. Een plekje bovenin het hoofd wordt dan iets teveel geprikkeld en dat heeft incidenteel een dergelijke uitwerking.

Kom in een dergelijk geval gewoon rustig terug uit de houding en doe een andere oefening met een vergelijkbare werking. Vraag desgewenst advies aan een ervaren yogadocent.

Instructie

Ga maar zitten op je knieën, eventueel met een kussentje tussen je hielen en je zitvlak of onder je wreven. Leg de handen op de bovenbenen met de handpalmen naar boven. Ontspan de schouders. Neem even een moment de tijd om te voelen hoe je zit.

Adem steeds rustig in naar de buik en laat de uitademing doorstromen in de richting van de ondergrond.

Na een volgende inademing beweeg je dan op de uitademing het bovenlichaam voorover. Plaats daarbij de armen langs het lichaam met de handpalmen omhoog. Leg het voorhoofd neer op de mat.

Geef de adem de ruimte. Voel hoe de buik en onderrug zich vullen bij de inademing en hoe de adem doorstroomt richting ondergrond bij de uitademing.

Leg vervolgens de handen, met de handpalmen naar beneden, op de hielen. Pak de hielen goed vast en breng het zitvlak omhoog. Het hoofd plaats je zo dicht mogelijk bij de knieën met de bovenkant op de mat. Leun niet op het hoofd, maar houd het gewicht in de knieën.

Het zitvlak en de onderrug probeer je zo goed je kunt uit te strekken naar boven. Uiteraard zonder jezelf te forceren. Let erop dat het hoofd dichtbij de knieën blijft en leun niet op het hoofd.

Laat na enige tijd het zitvlak weer rustig zakken en leg de armen weer terug langs het lichaam met de handpalmen omhoog.

Voel de Haas een moment na.

Geef een reaktie