Staand een kant uitstrekken

Geef een reaktie

Eén kant uitstrekkenIn staand een kant uitstrekken kun je aan den lijve ondervinden hoe je in subtiliteit meer kunt waarnemen dan in harder je best doen. Als je namelijk die zijde uitstrekt dan voel je beter wat er in je lichaam plaatsvindt. Je legt het accent namelijk op het voelen en niet zozeer op het zo lang mogelijk maken van links of rechts.

Een constatering als deze kenmerkt de yoga zoals ik deze voorsta. Dat vraagt wellicht om een verschuiving in je manier van kijken. Je maakt je op die manier even helemaal los van de manier waarop je de andere dingen in je leven doet.

Tussendoor

Je kunt de proef op de som nemen door tussen het uitstrekken van de ene en de andere kant een observatiemoment in te bouwen. Ervaar op zo’n ogenblik hoe verschillend het aanvoelt in respectievelijk de linker- en de rechterkant. Als je deze houding wat vaker beoefent, kun je vervolgens wat meer aandacht gaan besteden aan de ervaring tijdens het uitstrekken zelf.

Voel heel precies wat het doet als je een onsje meer of juist iets minder de zijde verlengt. Merk op hoe je dit ervaart in bijvoorbeeld de schouder van diezelfde zijde. Ervaar ook de temperatuur in dat deel van het lichaam, misschien een tintelend gevoel, maar ook de doorstroming van de adem.

Naarmate je kleiner kunt bewegen, zul je subtieler kunnen gaan waarnemen wat er zich in je afspeelt. Dit is kort samengevat de weg naar binnen. Maak van de verstilling in je oefening je opdracht en je richting.

Instructie

Ga staan met je voeten op ongeveer een voetbreedte uit elkaar. Zet jezelf stevig, maar soepel rechtop. Ontspan de knieën, het bekken en de buik. Laat de schouders wat zakken en maak de nek lang.

Neem zo even een momentje in Berghouding.

Breng vervolgens op een inademing de rechterhand en -arm langs het lichaam mee omhoog. Je vingers zijn gestrekt en gesloten. De handpalm wijst naar binnen en houdt de rechterschouder laag.

Strek heel subtiel de gehele rechterzijde van je lichaam uit. Vanaf de rechterhiel naar de vingertoppen van je rechterhand. Merk op dat hoe minimaler je dat uitstrekken beleeft, hoe meer je kleine veranderingen in je rechterzijde kunt waarnemen.

Op een volgende inademing verleng je nog eens. Uitademend laat je de rechterarm en -hand weer zakken, tot naast het lichaam. Dezelfde weg terug als deze heen is gegaan. Voel het verschil tussen rechter- en linkerzijde van het lichaam.

Breng dan, op een nieuwe inademing, de linkerhand en -arm langs het lichaam mee omhoog. Vingers zijn ook hier gesloten en gestrekt. Laat de linkerschouder een stukje zakken als je deze omhoog getrokken hebt.

Nu strek je op vergelijkbare wijze als de andere zijde de linkerkant van het lichaam uit. (In dit uitstrekken is less more, maar dat heb ik je al bij de rechterkant verteld.) Voel de linkerzijde, vanaf de hiel naar de vingertoppen.

Je verlengt op een inademing nog een keer en op een uitademing laat je de linkerarm- en hand weer zakken. Tot naast het lichaam.

Ervaar de balans tussen links en rechts en voel de oefening een moment na in Berghouding.

Geef een reaktie